In Parijs is een nieuw museum geopend over soeficultuur. Kasper Tromp reflecteert op de museale keuzes en de balans tussen informatievoorziening en mystieke ervaring, oude objecten en hedendaagse kunst, en het specifieke en universele.
Gepubliceerd in 2025/2 Sektarisme ontrafeld.
In de Parijse buitenwijk Chatou staat een negentiende-eeuws herenhuis waar sinds september vorig jaar het eerste museum voor soefisme is gevestigd. Het Musée d’Art et de Culture Soufis MTO (MACS MTO) staat aan de westoever van de Seine, uitkijkend over de Île des Impressionnistes, waar schilders als Renoir en Monet zich graag terugtrokken uit de drukte van de metropool. Die rust hangt nog altijd rond het imposante neoklassieke gebouw en in de tuin, waar je als bezoeker het museumterrein betreedt. Uiteraard gaat het om een rozentuin met in het midden een klaterende fontein, speciaal aangelegd voor het nieuwe museum om associaties op te roepen met de literatuur, symboliek en zintuiglijkheid van het soefisme. Informatiebordjes bij de verschillende planten stellen dat de damascenerroos symbool staat voor de profeet Mohammed en dat alchemisten geloofden dat het regenwater op de vrouwenmantel puur is omdat het zijn druppelvorm behoudt. Met dit voorproefje probeerde ik me voor te stellen hoe het museum zijn omvangrijke thema benadert, want het soefisme laat zich niet eenduidig definiëren. Sommigen beleven het in de poëzie van Rumi en Hafez, terwijl het voor anderen simpelweg betekent dat je met aandacht je islamitische verplichtingen uitvoert. Er waren soefimeesters die verhandelingen schreven over het mystieke pad en de spirituele stadia van het hart, en er zijn diegenen die zeggen dat je het soefisme niet kunt theoretiseren, alleen praktiseren.
Verder lezen? Bestel het nummer in onze webshop.

