3
min leestijd
A- A+

Signalementen


Signalementen

'' ''

Eva Ludemann
#ArabierEnSeculier. De opmars van afvallige moslims in de Arabische wereld
Uitgeverij Boom
204 p. € 25,-

'De islam kent geen dwang', zeggen veel moslims. Hoe komt het dan dat afvalligen het zo moeilijk hebben? Dat is de hartenkreet die van de pagina's spat in Ludemanns even vlotte als informatieve boek. Niet-gelovigen zijn er natuurlijk altijd al geweest in de Arabische wereld, maar hun aantal is substantieel toegenomen sinds de Arabische opstanden zo'n tien jaar geleden. Volgens recente metingen van de Arab Barometer blijkt dat dertien procent van de jongeren zich niet langer openlijk religieus noemt. In 2013 was dat nog maar acht procent. En dan te weten dat de onderzoekers geen toegang kregen tot Saoedi-Arabië – het land waar wellicht de meeste ex-moslims wonen, constateert Ludemann droogjes – en de meeste andere Golfstaten. De Saoediër Abdulrahman citerend: ‘Mijn land is zo verschrikkelijk repressief, zo absurd streng islamitisch, dogmatisch; het is logisch dat de bevolking zich daarvan afkeert.’ Ludemann heeft, vooral via internet, een indrukwekkend netwerk opgebouwd van afvalligen en laat die veelal zelf aan het woord. Dat werkt prima. Die portretten wisselt ze af met meer beschouwende hoofdstukken, zoals vergelijkingen met onze eigen geschiedenis. Daar vliegt ze helaas af en toe uit de bocht door het oplepelen van clichés over de afwezigheid van de scheiding tussen kerk en staat in de islamitische wereld waar ‘alles nog altijd om de islam draait’. Zo heeft zij merkwaardig genoeg zelden een boekhandel gevonden in het Midden-Oosten en Noord-Afrika ‘die ook seculiere titels op de planken heeft staan’. Die uitglijders daargelaten, is deze titel zonder meer een aanrader. [PA]

'' ''


Martijn de Koning 
Vijf mythen over islamofobie 
Yunus Publishing/Kif Kif (Antwerpen)
63 p. Gratis beschikbaar via kifkif.be/vijf-mythen-over-islamofobie-ebook; gedrukte versie € 5 (excl. verzendkosten).

Een boekje met deze titel richt zich niet tot de islamofobe lezer. Een tekst die zich zo helder positioneert in een lopend maatschappelijk debat, moet de leden van de ‘eigen parochie’ dus voorzien van argumenten waarmee zij het debat kunnen verheffen. Dat is ook de doelstelling, getuige het voorwoord van Jonas Slaats van de Vlaamse interculturele beweging Kif Kif. In vijf weerleggingen van evenzovele ‘mythen over islamofobie’ biedt Martijn de Koning een serie inzichten die de lezer een weerwoord biedt voor die gevallen waarin plompverloren wordt beweerd dat islamofobie niet bestaat of gewoon niet zo erg is. Bij een dergelijke opzet is het gevaar op stromanredeneringen groot. De Koning bezondigt zich hier niet aan, maar maakt het zichzelf ook niet bepaald moeilijk. Om het principe en de ernst van islamofobie te onderstrepen, worden veelvuldig vergelijkingen gemaakt met antisemitisme en anti-zwart racisme. Dat is zinvol, maar het zou interessant zijn om in te gaan op een vergelijking met twintigste-eeuws antipapisme of andere antipathieën jegens het christendom. Zo’n vergelijking zou mogelijk dichter bij de beleving van menig islamofoob staan. Zo zijn er nog wel een paar dingen die in dit boekje hadden kunnen worden besproken, en zo hadden kunnen bijdragen aan een helder onderscheid tussen islamofoob racisme en religiekritiek. Wat betreft de definitievorming rond islamofobie maakt dit boekje overigens (ongewild?) duidelijk hoe beroerd het daarmee gesteld is. De Runnymede Trust (wat dat is wordt niet uitgelegd) komt met acht criteria, waaronder ‘het radicaal afwijzen van kritiek vanwege de islam op het Westen’. Wat betekent zoiets? De Koning wijst erop dat er inmiddels op die definitie (uit 1997) al veel kritiek is geuit, maar wat hij ons laat zien aan latere pogingen tot verbetering maakt weinig indruk en is soms ronduit verwarrend. Zo ontmaskert dit werk een aantal mythen, maar toont het ook dat het begrip islamofobie nog bepaald niet is uitgekristalliseerd. [RW]

'' ''


Mazen Maarouf. Vertaling door Richard van Leeuwen
Grappen voor de schutters
Uitgeverij de Harmonie
176 p. € 17,50

Mazen Maarouf (1978) werd geboren in Beiroet als zoon van Palestijnse vluchtelingen, en veel van de verhalen in Grappen voor de schutters spelen zich af in deze stad ten tijde van de Libanese burgeroorlog (1975-1990). Het titelverhaal gaat over een jongetje dat een glazen oog voor zijn vader wil kopen. Niet omdat zijn vader een oog mist, hij heeft beide ogen nog. Maar de lokale verkoper van sahlab – een populair drankje – heeft wel een glazen oog en, in tegenstelling tot zijn vader, heeft het jongetje opgemerkt, is die man nog nooit door de milities in elkaar geslagen. Als zijn vader ook een glazen oog zou hebben, zou hij de schutters schrik aanjagen en zouden ze hem met rust laten. Hij probeert zijn dove tweelingbroertje aan de schutters te verkopen voor de orgaanhandel om aan genoeg geld te komen voor het oog, en hij betaalt van zijn zakgeld een ‘Nijlpaard’ – een stevige jongen uit de buurt – als lijfwacht voor zijn vader om zo de schutters uit te dagen: wie weet steken ze hem eindelijk een oog uit. Overweldigende onmacht en wanhopige pogingen om grip te krijgen op de situatie keren terug in veel van de verhalen in deze bundel, evenals een flinke dosis surrealisme: van een soldaat die een koe ongezien meesmokkelt in een tank tot een man die ’s nachts steeds deelneemt aan andermans dromen. Met Grappen voor de schutters won Maarouf in 2016 de eerste AlMultaqa Prize voor korte verhalen in het Arabisch en in 2019 haalde deze bundel de longlist van de International Man Booker Prize. Het is te hopen dat Maaroufs tweede collectie verhalen, De ratten die de oren van de karatekampioen likten (2017), ook snel vertaald wordt. [JvdB]

Maarouf