7
min leestijd
A- A+

Na de illusie: Arabische kunst op de Biënnale van Venetië


Na de illusie: Arabische kunst op de Biënnale van Venetië

‘Does the blackened ruin, situated in the stony ground
Between Durraj and Mutathallam, which did not speak to me,
when addressed, belong to the abode of Ummi Awfa?
‘And is it her dwelling at the two stony meadows, seeming
as though they were the renewed tattoo marks in the sinews
of the wrist?
‘The wild cows and the white deer are wandering about
there, one herd behind the other, while their young are spring-
ing up from every lying-down place.
‘I stood near it, (the encampment of the tribe of
Awfa), after an absence of twenty years and with some efforts,
I know her abode again after thinking awhile.
(…)

The Poem of Zuhair [1]

'' ''

After Illusion (foto: Roos van der Lint)

De Biënnale van Venetië is een tweejaarlijks evenement waar, in een centrale tentoonstelling, de nieuwste kunst gevierd wordt en waar landen van over de hele wereld kunst vanuit een nationaal perspectief tonen in een eigen paviljoen. De eerste tentoonstelling vond plaats in 1895 in de Giardini, de tuinen van de stad, waar een kleine dertig landen in de loop van de twintigste eeuw tevens een eigen paviljoen bouwden om tijdens de Biënnale kunst te tonen vanuit een nationaal perspectief. Deze paviljoens werden vaak ontworpen door grote architecten en zijn nog altijd in gebruik. België vestigde zich er in 1907 als eerste land, Nederland nam voor het eerst deel in 1914.[2]

Wat opvalt wanneer je de plattegrond van de Giardini bestudeert, is wat een Europees feestje het eigenlijk is. Ja, Rusland doet mee, Australië, de Verenigde Staten en Japan ook, maar landen uit de rest van de wereld zijn dun gezaaid. Uit de Arabische wereld heeft alleen Egypte sinds 1952 een eigen paviljoen in de tuinen, hetzelfde jaar als Israël. Wie het Egyptische paviljoen dit jaar bezoekt, komt via donkere gangen uit in een soort benauwde tombe, gevuld met sfinxen met schotelantennes en beeldschermen als hoofd. De presentatie van kunstenaars Islam Abdullah, Ahmed Chiha en Ahmed Abdel Karimdie werd door The Art Newspaper naar mijn mening niet onterecht verkozen tot een van de slechtste van deze Biënnale: zo veel nationale trots, zo kitscherig uitgestald, is moeilijk te verteren.[3]

Gelukkig is er meer, veel meer. Op de hoofdtentoonstelling van dit jaar, ‘May You Live In Interesting Times’ van Ralph Rugoff, is onder meer sterk werk te zien van Lawrence Abu Hamdan, geboren in Jordanië, en van Neïl Beloufa, een Franse kunstenaar met Algerijnse wortels. Maar er zijn nog meer Arabische landen met een eigen paviljoen in Venetië te vinden. Toen de Giardini tegen het eind van de twintigste eeuw was volgebouwd, moesten nieuwe landen die aan het kunstfestijn mee wilden doen uitwijken naar andere plekken in de stad. De Arsenale, de oude scheepswerf van Venetië, bood ruimte voor meer nationale paviljoens. 

De Verenigde Arabische Emiraten namen daar in 2009 hun intrek in de Sale d’Armi, een gebouw dat dateert uit de vijftiende eeuw toen het diende als opslagplaats voor de wapens van de land- en zeemacht die Venetië toen was. Dit jaar is in hun paviljoen een prachtige presentatie te bezoeken van Nujoom Alghanem, een kunstenaar uit Dubai. Passage is een poëtische film die draait op een groot scherm dat midden in een donkere zaal staat en aan beide zijden te bekijken is. Aan de ene kant volg je het verhaal van de kunstenaar die haar film maakt, samen met een actrice uit Syrië, en aan de andere kant volg je de reis van een vrouw op de vlucht, in een gele regenjas midden op zee, gespeeld door diezelfde actrice. ​​​​​​

Het zijn twee verhalen die op het scherm letterlijk langs elkaar heen bewegen, beide gebaseerd op een gedicht van Alghanem zelf, en als kijker zal je een kant moeten kiezen. Maar toen ik plaatsnam op een van de banken, tussen de vele bezoekers die aandachtig zaten te kijken, bleek er een obstakel: ik kon geen woord verstaan van de taal die in de film werd gesproken, geen woord Arabisch of Engels was te ontwaren en er was ook geen ondertiteling. Pas later las ik wat de kunstenaar daarover zei tegen The New Arab: ‘We hebben een zelfverzonnen taal gebruikt omdat we niet wilden dat mensen zouden gaan zeggen: “Ja, ze spreken Arabisch, want ze willen iets zeggen over de Arabische wereld”, het is een universele boodschap.’[4] Politiek is nooit ver weg wanneer het over hedendaagse kunst gaat.

Dat geldt in het bijzonder voor Saoedi-Arabië, een land dat voor het laatst in Venetië was in 2011 en dit jaar pas weer meedoet, gebroederlijk naast de Verenigde Arabische Emiraten in de Sale d’Armi. Uiteraard zijn niet alle landen ter wereld in Venetië vertegenwoordigd: deelname staat landen vrij maar alleen al de huur van een plek in de stad voor een periode van een half jaar, want zo lang duurt de Biënnale, is een dure aangelegenheid en niet voor iedereen weggelegd. Wat een moment voor Saoedi-Arabië om nu weer op een internationaal podium te treden, te midden van alle geëngageerde kunstenaars die dat aangrijpen om politieke, sociale en economische misstanden aan te kaarten: bij de opening van de Biënnale, begin mei, was het onderzoek naar de dood van Saoedische journalist Jamal Khashoggi in volle gang en verschenen er berichten die duidden op de betrokkenheid van het Saoedische regime bij deze moord.

'' ''
After Illusion (foto: Roos van der Lint)

Geen bezoeker die niet zal denken aan deze controverse, maar ook geen bezoeker die zijn schild niet zal laten zakken bij de aanblik van de presentatie van kunstenaar Zahrah al-Ghamdi. Je waant je in een andere wereld, in het paviljoen van Saoedi-Arabië: het is er donker en stil, op een aantal grote, lichtgevende pilaren na, waar honderden, zo niet duizenden ronde vormen met sierlijke gaten tegenaan liggen en hangen, als zee-egels geplakt tegen de wand van een onderwatergrot. Van dichtbij vallen de schelpvormen in ontelbare varianten uiteen, verschillend in grootte, kleur en vorm maar stuk voor stuk gemaakt van handgesneden leer waar soms plukken katoen uitsteken. Dan blijkt dat je ze mag aanraken en zachtjes kunt duwen tegen de pilaren die dan in beweging komen, waarop een sprookjesachtig geluid van borrelend en kabbelend water door de ruimte klinkt.

‘After Illusion’ is de titel van de tentoonstelling die door 
al-Ghamdiwerd overgenomen uit een gedicht van Zuhayr bin Abii Suulma, de dichter van het nomadische leven en chroniqueur van de verzoeningen tussen rivaliserende stammen die werkzaam was in de zesde eeuw. In het gedicht keert een oude man na twintig jaar afwezigheid terug naar zijn geboortestreek, maar kan zich er pas thuis voelen dankzij de illusie dat alles hetzelfde is gebleven. 


Als ik lang blijf kijken en voelen komt een vrouw op me af, de samensteller van de tentoonstelling zo blijkt, Eiman Elgibreen. Ze vertelt dat Zahrah al-Ghamdi werd geboren in Al-Bahah, een stad in het zuidwesten van het land, haar Master-diploma behaalde in Engeland en toen terugkeerde naar Saoedi-Arabië waar ze nu werkzaam is in Jeddah. Met deze installatie keert ze, net als de dichter, terug naar haar geboortestreek: haar grootvader was schaapsherder, vandaar het leer, en de motieven die in het leer gesneden zijn verwijzen onder meer naar patronen uit de traditionele architectuur van Al-Bahah. Elgibreen vertelt dat deze tentoonstelling al-Ghamdi’s manier is om opnieuw een verbinding aan te gaan met haar land.Ze heeft er vijftigduizend objecten voor vervaardigd, stuk voor stuk, met de hand: ze heeft het leer gesneden, gevuld met katoen, genaaid, gekookt, gedroogd, gebrand en toen weer uitgepakt, het katoen uit de meeste objecten verwijderd waarna het hard en stijf in de gewenste vorm bleef staan. In de catalogus lees ik dat dat voor een proces van verandering staat, van zowel de kunstenaar als van haar land. Het is een onomkeerbare transformatie: het leer wordt, eenmaal gekookt, nooit meer zacht, maar als het in de juiste vorm staat, is dat misschien niet erg.

'' ''
Zahrah Al-Ghamdi (foto: Abdullah Alsheri)


Het enthousiasme dat ik voel over het paviljoen van Saoedi-Arabië brengt me bij het dilemma van een nationale vertegenwoordiging. De installatie van al-Ghamdi zit buitengewoon goed en slim in elkaar: handwerk is een zeldzaamheid in de hedendaagse kunst, waar videokunst en digitale technieken hoogtij vieren, en ambacht wordt vaak met enige achterdocht bekeken, maar ‘After Illusion’ is alles behalve gemakzuchtig in materiaal of plat in betekenis. Het behoort tot de beste kunstwerken die ik dit jaar in Venetië zag. Het geeft vorm aan een gedicht dat getuigt van een wereld die ik nu heb leren kennen:

(…)
‘They arose early in the morning and got up at dawn, and
they went straight to the valley of Rass as the hand goes
unswervingly to the mouth, when eating.

‘And among them is a place of amusement for the farsighted one,
and a pleasant sight for the eye of the looker who
looks attentively.
‘As if the pieces of dyed wool which they left in every

place in which they halted, were the seeds of night-shade
which have not been crushed.

(…) [5]


Maar natuurlijk heeft ‘After Illusion’, net als alle kunst die door om het even welk land in Venetië naar voren geschoven wordt, ook een politieke component. Het voorwoord in de catalogus van ‘After Illusion’ werd geschreven door de Minister van Cultuur van Saoedi-Arabië, een gloednieuw departement in het land, die benadrukt hoe kunst en cultuur, en dus ook deze tentoonstelling, passen in het meerjarenplan van kroonprins Mohammed bin Salman: Vision 2030.[6] In het zogenaamde ‘Quality of Life Program’ staat onder meer opgenomen dat al in 2020 26 nieuwe musea in Riyad alleen moeten openen, een belangrijk onderdeel van een nieuwe ‘levensstijl’.[7]

Het thema van de ‘illusie’, zo poëtisch gebruikt in het gedicht van Zuhayr bin Abii Suulmaa,wordt in de catalogus bovendien rechtstreeks betrokken op de staat van het land. Onder het kopje ‘Saudis and illusion in times of uncertainty’ wordt door kunsthistorici Nada Shabout en Eiman Elgibreen ingegaan op een gevoel van verloren cultureel en historisch erfgoed dat onder de bevolking zou heersen. Twee grote verantwoordelijken voor dit gemis worden aangewezen: de opkomst van de islam en de olie. Uit de tekst: ‘Hoewel beiden zonder twijfel en onmiskenbaar existentiële vormende elementen zijn, heeft hun beperkte en soms beperkende bereik Saoediërss verward en machteloos gelaten in de omgang met andere hoofdstukken uit hun geschiedenis, uit de periferie van deze sfeer. De disconnectie en gaten tussen deze twee historische evenementen zijn in het bijzonder gecompliceerd door de afwezigheid van visuele ondersteuning die alternatieve verhalen mogelijk zou maken.’[8]

'' ''
After Illusion (foto: Roos van der Lint)

Met andere woorden: kunst kan de gaten die islam en olie sloegen, opvullen. En ook met andere woorden: het plan van de kroonprins zal die gaten voor de Saoediërs opvullen. De kunst en de politiek zijn op die manier met elkaar verbonden. Kun je houden van de een, en kritisch blijven kijken naar de ander?

De Arabische wereld is op de Biënnale van Venetië een vaste waarde, maar in wisselende samenstelling, afhankelijk van de ontwikkelingen in een gebied vol rumoer. Libanon heeft een aantal keer meegedaan, maar is dit jaar in Venetië afwezig. De Arabische Republiek Syrië is aanwezig sinds 2007 en dit jaar met een groepstentoonstelling met de titel ‘Syrian civilization is still alive’. Irak doet ook mee, met een solopresentatie van Serwan Baran getiteld ‘Fatherland’, waarvoor de kunstenaar in de huid van een soldaat kruipt, die hij zelf ook is geweest.

De grote verrassing tot slot is Algerije. Het land zou dit jaar zijn debuut maken in Venetië en de verwachtingen van de aangekondigde groepstentoonstelling waren hoog. Tot een paar weken voor de opening op Facebook het bericht verscheen dat de overheid het paviljoen had afgeblazen, naar verluidt om economische redenen. Maar toen ik op mijn laatste avond door de stad dwaalde en aan het eind van een lange, verlaten steeg de hoek omsloeg, was daar een feestje gaande. Het bleken de kunstenaars uit Algerije, op eigen gelegenheid en met alternatieve financiering naar de stad gekomen, die de opening van hun eerste tentoonstelling in Venetië vierden. De titel van hun presentatie: ‘Time To Shine Bright’.

De 58e editie van de Biënnale van Venetië is nog t/m 24 november 2019 te bezoeken in Venetië. www.labiennale.org

Noten
[1] 
The Poem of Zuhair, afkomstig uit Charles F. Horne, ed., The Sacred Books and Early Literature of the East Vol. V: Ancient Arabia (New York: Parke, Austin, & Lipscomb, 1917), 19-40. Zoals geciteerd in After Illusion, de catalogus bij het Nationale Paviljoen van Saoedi-Arabië op de 58e Biënnale van Venetië. 

[2] Voor een compleet overzicht van de ontwikkeling van de nationale paviljoens, zie Guide to the Pavilions of the Venice Biënnale since 1887 van Marco Mulazzani, tweede druk uit 2017, een uitgave van Electa, Milaan.

[3] www.theartnewspaper.com/review/what-to-miss-at-the-venice-biennale-2019.

[4] www.alaraby.co.uk/english/society/2019/5/16/arab-artists-make-waves-at-this-years-venice-biennale.

[5] After Illusion

[6] After Illusion

[7] https://vision2030.gov.sa/sites/default/files/attachments/QoL%20English_0.pdf

[8] Vertalingen zijn van de auteur.